hoppesack
Bij de tienden aangegeven als: het Hoppezakje (Biggekerke nr. 153). Volgens Tack gaat het om een zak, een inzinking, in het terrein, bijv. een gemoerd stuk grond waarin het water blijft staan (Tack VN, trefw. hoppesack). Vergelijk het door Elemans genoemde 'et Saklaant' in Demen (Elemans, Huisseling, p. 109).
Hoppe zou ongeveer hetzelfde zijn als: hop, in waternamen. Betekenis: bocht, soms bijna droge inham in zee of binnenmeer (Schönfeld, Waternamen, p. 221), en als veldnaam: droge of bijna droge aanslibbing, bijv. in Waterland: 't Hop (Van Engelenburg, Waterland, p. 127).
Aannemelijker is het, hier aan te sluiten bij de letterlijke betekenis van het woord hoppezak: een zak waar men hop in pakt en verzendt, een met hop gevulde zak. Deze waren zeer ruim, omdat men de lichte hop niet perste (De Vries & Te Winkel, WNT dl 6 k. 1113). Mogelijk heeft de naam hier betrekking op de vorm van een perceel.
|